maandag 11 september 2017

zondag 20 augustus 2017


- Sfeerbeeld,  Stage Johan Skalberg













zaterdag 8 september 2007

Jiu-Jitsu














Het traditionele jiu-jitsu (of zachte kunst) is in de loop der jaren reeds vele malen aangepast aan de moderne vorm van gevechtssituaties.
Ook door invloeden van andere krijgskunsten werden er verschillende stijlen ontwikkeld.
Het jiu-jitsu maakt vooral gebruik van de kracht van de aanvaller en het uit evenwicht brengen (
kuzuchi) van deze aanvaller, en hem neutraliseren door klem of atemi (trap of stoot).

 

De jiu-jitsuka ( jiu-jitsu beoefenaar) gaat zelden of nooit hard afweren, maar gaat de aanval opvangen, meegeven, en daarna de eigen kracht terugsturen door middel van atemi.


 









Het omvat een waaier van technieken. Zowel werp- , trap- ,grond- klem-, als wapentechnieken....

Jiu-jitsu kan ook door iedereen beoefend worden, ongeacht de leeftijd, geslacht, grootte, gewicht of kracht.


De oorsprong van het jiujitsu (ook wel yawara genoemd) is gehuld in nevelen. Veel beoefenaars beschouwen het als een zuiver Japanse vechtkunst, maar doorgaans wordt een Chinese oorsprong verondersteld.
De samurai leerden destijds jiujitsu in scholen die elk van elkaar verschilden, zogenaamde ryu. Als een samurai tijdens een gevecht werd ontwapend kon hij met blote handen verder vechten. Na het eind van het feodale stelsel werden de subsidies voor de scholen stopgezet en waren de meesters genoodzaakt om jiujitsu te leren aan normale burgers. Later vloog jiujitsu over naar het Westen.
Uit het jiujitsu zijn diverse zelfverdedigingvormen en -sporten voortgekomen, zoals aikido dat oorspronkelijk Daitoryu aikijiujitsu was, en judo waarbij de jutsu van jiujitsu een "do", een "weg" is geworden (ju-jutsu -> ju-do).











Over de geschiedenis van het jiu jitsu bestaan verschillende legendes
De meest populaire versie is die van Dr. Akiama, een Japans geneesheer die in China een rondreis maakte en daar een gevechtskunst bewonderde. Dr. Akiama maakte zich deze kunst meester en na geruime tijd beheerste hij ze als een ware meester. Hij bleef echter met een probleem worstelen, wat kan hij doen indien deze technieken op hem werden toegepast.
Na lange maanden van overpeinzing bracht op een winterdag de natuur het antwoord naar hem toe. Hij zag hoe de takken van een van een kerselaar braken onder het gewicht van een vracht sneeuw. Toen hij de wilg bekeek merkte hij hoe deze veerkrachtige takken doorbuigen en de sneeuw er lieten afglijden. Op slag had hij een oplossing voor zijn kwelling, als men wil overleven moet men veerkrachtig en meegaand zijn. Hij paste de technieken aan naar zijn nieuwste vondst en het jiu jitsu was geboren. Deze kunst was zodanig effectief dat de samurai ze aanleerde om in geval van ontwapening nog in staat te zijn om zich op een afdoende en efficiƫnte manier te kunnen verdedigen. Naast het iai-jitsu en het kenjitsu werd ook het jiujitsu een belangrijke factor in de opleiding tot samurai.